Begeleiders

Haider Al Timimi (1979, Bagdad)

Acteur en maker Haider stroomde via de jongerenwerking van Union Suspecte door tot de vaste kern van het collectief. In 2013 richtte hij het gezelschap Kloppend Hert op dat recentelijk structurele erkenning kreeg. Sinds 2015 doceert hij aan het 7de jaar Woord aan de Kunsthumaniora Brussel en is gastdocent aan het RITCS. Hij geeft workshops aan jongeren met diverse achtergrond voor De Brakke Grond, KVS, Les Halles De Schaerbeek, BRONKS, TransfoCollect. Hij was als speler en danser betrokken in verschillende producties waaronder Onze Lieve Vrouw van Vlaanderen (2005), Legal/ Illegal (2005), Singhet ende weset vro (2006), Broeders van Liefde (2007), Back to school (2010), Stabat Mater (2002), Layla wa Majnun (2006), Cesena (2011). Hij was al chroreograaf betrokken bij Singhet ende weset vro (KVS, 2005), In welk fabriekske zijt gij gemaakt (KVS, 2005), Het moment waarop we niks van elkaar wisten (2005, Kaaitheater), Bvba Borderline (2009) en Brecht Revue (2009). Hij maakte de voorstellingen Utopeace (2006), Carnival of Guilt (trilogie) (2010-2011), Flor de caña (2010), Ich Bin Wie Du (2012), Total Loss (2013), Bite the hand that feeds you (2014), Layla’s Fool (2016) en Utopera (2017).

Bart Capelle (1978, Hasselt)

Bart werkt als dramaturg, docent en mentor. Zijn liefde ligt bij werk dat de muren van het theater letterlijk of figuurlijk openbreekt. Werk dat de grenzen doet vervagen tussen professioneel en niet-professioneel, tussen sociaal en artistiek, tussen podium- en andere kunsten, tussen de scene en de wereld. Hij is vast lid van gezelschap Kloppend Hert en van het gelegenheidscollectief Lucida Ra. Daarnaast werkt hij regelmatig samen met Christophe Meierhans, Karl Van Welden, Anna Rispoli, Peter Aers en Lotte Van den Berg. Hij begeleidde een aantal eindwerken regie aan het RITCS en geeft les aan het zevende jaar Woord van de Kunsthumaniora Brussel. In het verleden was hij als dramaturg betrokken bij voorstellingen van o.a. Marijs Boulogne & Manah Depauw, Action  Malaise, Nieuwpoorttheater, Union Suspecte, Pol Heyvaert, National Theatre of Scotland (UK) en Makeshift Ensemble (IE).

Fien Mombaerts (1987, Wetteren)

Jozefien Mombaerts behaalde in 2011 haar Master in de Theater- en Filmwetenschappen aan de Universiteit Antwerpen. Na haar opleiding werkte zij freelance als dramaturge, productieassistente en theaterdocent voor verschillende gezelschappen en theaterhuizen waaronder Compagnie Cecilia, Ballet Dommage, Kopergietery Gent, Campo, Victoria Deluxe en Malpertuis. Van 2014 tot 2017 werkte ze als onderzoeker/assistent theater en onderwijscoördinator voor RITCS, School of Arts en Transfo Collect in Brussel. Ondertussen studeert ze halftijds aan de Toneelacademie Maastricht, waar ze de opleiding Theatermaker en theaterdocent volgt. In het verlengde van haar thesis rond theater en psychiatrie bleef zij ook zelfstandig onderzoek uitvoeren naar deze thematiek binnen de hedendaagse maatschappij en binnen het theater.

Georgina del Carmen Teunissen (1980, Nicaragua)

Georgina is danseres, choreografe, docente en danscoach. Ze danste oa. mee in producties van Union Suspecte, Jan Fabre, Kendell Geers, Arne Sierens en Wim Vandekeybus. Samen met Haider AL TIMIMI creëerde ze Flor de Caña voor Union Suspecte (2008). Bij de creaties van Kloppend Hert is Georgina steeds betrokken als bewegingscoach. Verder geeft ze hedendaagse danslessen aan volwassenen bij WISPER en is ze begeleider bij Transfo Collect. In 2016 maakt ze voor BRONKS Anxcity: only vampires are afraid of the (spot)light. Voor KunstZ maakt ze de voorstelling No man’s land. Beide voorstellingen vertrekken vanuit het idee om de deelnemende jongeren en hun verhaal een gezicht geven in het brede culturele veld. Bij Kloppend Hert treedt Georgina steevast op als dans- en bewegingscoach. Ze is ook een van de vaste begeleiders van Jong Gewei.

Renée Goethijn (1987, Gent)

Renée  volgde de makersopleiding aan het Ritcs in Brussel. Ze tast er de grenzen af tussen theater en beeldende kunst. Tijdens haar opleiding maakt ze To get properly confused you have to put your head underwater. Deze voorstelling wordt samen met haar eindwerk Two things to do and two more things to do (een handleiding voor zelfstudie op basis van teksten van Julio Cortázar) en haar performance UFO’s geselecteerd voor TAZ Jong werk 2013 en er gepresenteerd als drieluik. Na haar studies krijgt ze een jaar onderdak in Kc Nona binnen een jongemakerstraject. Daar werkt ze o.a. mee aan Katja Dreyers Kroniek en sluit af met de eigen creatie Reconstruction of the day I left. Samen met nog een 15-tal andere ex-Ritcsers richt ze K.A.K. op, een los-vast verbond van theatermakers, knutselaars, denkers en andere sjoemelaars. K.A.K. maakt theatrale gebeurtenissen in leegstaande gebouwen in Brussel en organiseert zijn eigen werkomstandigheden om met elkaar en de ander in dialoog te gaan. Afgelopen twee jaar werkt ze in co-creatie met Dries Gijsels aan twee voorstellingen, No Use For Binoculars (2015) en Totally (2017). Verder begeleidt Renée dit seizoen het creatie-atelier met jongeren bij jeugdtheater Bronks en werkt ze bij jeugdtheater Larf!, waar ze vanaf dit jaar ook de artistieke coördinatie van de atelierwerking op zich neemt.